Een goede reden om zelf te strijken

Strijk jij of strijk ik?

We hebben het allemaal druk, we zijn allemaal druk. Je leven staat bol van verplichtingen en moetjes en dan is er ook nog zoals iets als het schoonhouden van je huis.

Jaloers op buren/vrienden/collega’s die slim dit werk hebben uitbesteed pak je zuchtend de stofzuiger of stofdoek om aan je wekelijkse verplichtingen te voldoen. Vanuit je ooghoek zie je ook nog die overvolle strijkmand en je humeur daalt vervolgens met de minuut.

Ik was niet anders. Er waren jaren dat ik zowel een poetshulp had als iemand die grote balen strijkgoed wegwerkte. Maar wat bleek? Het maakte me niet gelukkig.

De kleine euforie van een strijkbaal wegwerken had ik mezelf ontnomen. Het voldane gevoel om na stoffen en zuigen lekker op de bank met een kop thee te zitten, had ik mezelf ontnomen. En zo ontnam ik mij meer momenten waaraan je simpel geluk kunt ontlenen.

Hoe anders is het nu.

We weten allemaal dat minder online zijn beter is voor hoe een mens zich voelt. Wanneer ik lekker in of rondom huis bezig ben, hoef ik niet naar mijn scherm te staren.

Sterker nog het strijken van een mooi tafelkleed doet me dan weer denken aan het laatste etentje of voor welke gelegenheid het weer uit de kast mag komen. Het is een moment van volledig zen. Alleen met mijzelf en die repeterende strijkbeweging komen en gaan mijn gedachten. Er is geen haast en alles is goed.

En weet je wat nu het mooie is? Ik kan echt genieten van een strak gestreken, fris ruikend laken dat op een schoon bed ligt. Ook dát is fijn. Niet alleen voor mezelf maar ook omdat ik graag samen met mijn lief in een schoon bed in een frisse kamer lig. En zo simpel is het.

Ik strijk met liefde, uit liefde voor de liefde.

Liefs, M.

Do ut des, maar alleen in liefde graag

Do ut des. Vandaag kwam ik deze oude Latijnse uitdrukking tegen en ik was verrast hoe actueel die nog is. Het is de bereidheid om iemand een dienst te verlenen waarvoor je op een later tijdstip een wederdienst mag verwachten. Reprociteit dus.

Je kent ze vast ook: mooie initiatieven zoals buurthulp waar jij je schilderkunsten kunt ruilen tegen bv schoonmaak. Laagdrempelig en sociaal.

Anders wordt het wanneer een bepaald gedrag gewenst is en je dat gaat belonen om het gewenste resultaat te bereiken. Ik zal je vertellen wat ik bedoel.

Ik had net een artikel gelezen waarin je – door plastic (zwerf)flesjes in te leveren – voor vrij reizen kunt sparen bij het openbaar vervoer.

Ik vraag me af hoe het komt dat inzamelen van plastic flesjes een prikkel als dit nodig heeft. Hoe het komt dat we het blijkbaar normaal zijn gaan vinden om alles achter onze kont op straat weg te gooien. Om dan vervolgens het inzamelen te belonen? Snap jij dit? Eerlijk gezegd: ik niet echt. Of beter: echt niet.

Wanneer iets van je wordt verwacht te doen (even los van de reden waarom) en je besluit daar gehoor aan te geven, dan doe je dat toch vanuit je eigen overtuiging? Dan kom je toch in beweging?

Hoe anders is dat bij kinderen. Zij hebben vaak een directe voldoening, lees: beloning nodig om te leren dat bepaald gedrag in de praktijk moet worden gebracht. Maar bij volwassen mensen? Ik denk dan: hou op, schei uit. We zijn toch geen kleuters meer?!

Maar er is een uitzondering.

To love and be loved in return

Er is één vorm van do ut es die universeel is. Het is het belangrijkste dat je ooit zult leren en dat los staat van leeftijd en opvoeding. Dat is just to love and be loved in return.

https://youtu.be/Iq0XJCJ1Srw

Fijne zondag!

50 tinten grijs

Het was eind vorig jaar toen ik bij toeval op Pinterest foto’s zag van zgn. Silversisters; vrouwen die hun haren niet meer kleuren en ‘in transitie’ zijn. Foto’s van half uitgegroeide haardossen, van enkele grijze haren tot volledig grijs. Zelfbewuste, sterke vrouwen die hun leeftijd niet willen ontlopen maar hun elegantie laten zien. Vrouwen dus, die hun grijze haren omarmen als onderdeel van hun persoonlijkheid en vrouwelijkheid.

Iedere zes weken je ‘uitgroei bijwerken’

Vooral vrouwen die op jonge leeftijd grijze haren krijgen, lopen vaak tegen onbegrip aan uit hun omgeving wanneer ze besluiten met kleuren te stoppen. Het beeld bestaat nl. dat je als vrouw toch immers zo lang mogelijk mooi en vooral! jong wilt zijn en daar passen grijze haren niet bij. Dus laten wij trouw iedere zes weken onze ‘uitgroei bijwerken’. Want dat is zoals het gaat, en dat is zoals we het als vrouw doen. Tot op hoge leeftijd. Strak gekleurd met wat highlights om het wat ‘levendiger’ te maken.

Inmiddels had ik besloten niet meer te willen kleuren. Enerzijds vanwege dat vreemde beeld dat je met grijze haren bejaard zou zijn ongeacht je leeftijd, maar ook omdat ik de chemicaliën van de verf niet langer op en in mijn huid wil hebben.

Zo overkwam het mij dus dat mijn kapper er niets van snapte dat ik een stuk van mijn gekleurde haar wilde laten knippen in plaats van de uitgroei, van toen bijna 6 maanden, onderhanden te laten nemen. Met tegenzin kwam ze aan mijn verzoek tegemoet om niet te kleuren.

En toen gebeurde er iets opmerkelijks. Terwijl ze een kortere coupe knipte, veranderde haar stelligheid om te kleuren in het zachtere ‘dat dit wel heel mooi kon gaan worden’.

En zo voelt het ook. Ik ben nog minstens een jaar bezig voordat alle kleur eruit geknipt is (nee, ik wil geen ultra kort koppie).

Het klinkt raar maar ik ben nog steeds verbaasd hoe mooi de kleurschakering in mijn haar wordt. Het zijn mijn eigen tinten grijs. En iedere tint vertelt een deel van het verhaal dat mijn leven is. Hoe gaaf is dat? Met ieder cm eigen kleur wordt meer en meer zichtbaar wie ik nu ben.

En mijn lief? Het vindt het prachtig. Hij is kaal en ik word grijs. En samen worden we prachtig oud. Dát is mijn beeld en dat is wat er toe doet.

Lieve groet, M.