De ouderwetsche slager

Misschien is Covid-19 voor mij wel de trigger om de kleine buurtslagerij vaker te bezoeken. Of is het toch dat latente gevoel van onbehagen wanneer ik opnieuw een stuk – in plastic verpakt – waterig supermarkt vlees in m’n zorgvuldig…? gereinigde winkelmandje leg? Het zwarte plastic bakje met het zompige luiertje onderin om het ‘vleesvocht’ op te vangen staat me tegen. De ingrediënten op stickertje achterop nog meer. (Waarom is er zetmeel en suiker toegevoegd aan mijn vlees?!) En als je eisen stelt aan de kwaliteit van je voeding, steun dan vooral de lokale ondernemer, hij verdient het. Zo ook onze ouderwetsche slager.

Deze kleine, lokale ondernemer is van een uitstervend ras. Met vrouw en zonen wordt het bedrijf gerund. Aan de muur hangen een aantal oorkondes uit begin 2000, er staan een paar potten Hak op een plank en verse eitjes worden wekelijks geleverd.

Achter de toonbank staan twee grote hakblokken met stukken vlees die ter plaatste ontbeend of ontvliesd worden. Gehakt wordt gedraaid waar je bij staat en je biefstukjes en filetlapjes op verzoek afgesneden nadat eerst de messen zijn geslepen met een aanzetstaal.

Het moment dat je door de deur naar binnenstapt, maak je een reis door de tijd en beland je in pakweg de jaren 70. Sober en een beetje sleets oogt deze slagerij. Gewoon een onopvallende zaak in een onopvallend buurtje.

In de winkel heerst rust want door alle maatregelen rondom het Coronavirus mogen er max. 4 klanten naar binnen. Buiten wacht de rest, rustig pratend met elkaar. De slagers hebben geen haast. Broodbeleg wordt vers afgesneden en kunstig in een papieren zak gevouwen. Met volleerde hand wordt een slag in de verse worst gedraaid en in een plastic zak (ja, dat dan weer wel) geschoven, waar eerst de lucht wordt uitgeperst voordat er een fraai gedraaide knoop in wordt gelegd.

De kalme en zekere bewegingen van de mensen achter de toonbank stralen een rust uit die als een luie deken over je heenvalt. Hier geen schreeuwende weekaanbiedingen. Geen reclame, noviteiten, fancy recepten. Gewoon eerlijk vlees. What you see is what you get.

Het is het hele plaatje van de met zorg gekozen dieren die geslacht worden. In Italië noemen ze het mooi km zero. Dichtbij huis.

Het is het ambachtelijk slagers vakmanschap wat deze mannen laten zien. De kunst van het zelf worst maken. Je het juiste advies kunnen geven welk stuk vlees je nu voor dat lang garende gerecht nodig hebt.

We moeten die kennis en het vakmanschap koesteren. Daarom lieve lezers is vlees kopen bij een ambachtelijk slager nodig. Voor een beter dieren welzijn, voor het behoud van het vak maar bovenal voor je eigen gezondheid.

Stay safe. Stay healthy. En koop lokaal.

Liefs, M.

Olijfolie proeven?

Lieve volgers,

Dromen, durven, doen. En dat is waar m’n lief en ik mee bezig zijn.

Maar bij die dromen heb ik jullie ook nodig. Want hoe weet je of wat je wilt doen enige kans van slagen heeft? Nou, door te vragen.

Dus hierbij mijn vraag aan jullie: willen jullie de enquête voor mij invullen? Twee minuutjes maximaal kost het van jou tijd om ons verder te helpen.

Doen?


https://www.survio.com/survey/d/L0O2E1Q1R6A4C3F7R

Jullie zijn geweldig 😘

Liefs, M.

Dit is de reden waarom ik brood koop bij de Turkse bakker

Goor hè? Zo’n stuk beschimmeld brood. En laat dit nu precies de reden zijn dat ik sinds kort mijn brood bij de Turkse bakker haal. Omdat het gewoon eerlijk brood is. Vandaag vers, morgen al een beetje droog, overmorgen goed om te roosteren en daarna komt de schimmel. Ik hou ervan. Brood zoals brood bedoeld is. Voor een eerlijke prijs en klandizie voor de bakker. Want je snapt, er gaan ook stukjes baklava mee en een zak Libanees platbrood.

Maar ik dwaal af. Want het punt is die warme bakker. Waar je eigenlijk heel blij van zou moeten worden omdat het er zo lekker ruikt en dat dát een belofte is voor het brood.

Niets is minder waar. Onze buurt Jumbo verkoopt brood van een prijswinnende warme bakker. ‘Mooi’ zul je zeggen want lekker handig onder één dak. Nu moet een supermarkt ingrediëntenoverzichten op hun producten hebben, dus ook op dat broodje van onze warme bakker. En gek hè? Bij de warme bakker zelf hoeft dat blijkbaar niet. Best vreemd eigenlijk als je daar goed over nadenkt. En daar knelt nu precies de schoen. Want van een warme bakker verwacht ik (ja ik weet het, ik heb best wat verwachtingen) tegen beter weten in, een mooi ambachtelijk brood. En ja het brood is vaak knapperig en zacht. Veel te zacht als je het mij vraagt. En dat is het de volgende dag ook en de dag erna en daarna en dan wordt het rond de korstjes een beetje droog. Maar schimmel? Nope.

Mijn laatste broodje warme bakker was dus een melkwit. In de bewuste buurtsuper lag het daar uitdagend te liggen. Zo van: ‘eet mij, eet mij met die verse aarbeitjes in je mand’.

Thuisgekomen keek ik eens naar de prijs en het etiket.

Dit is een melkwitbrood

Euh…. snap jij het nog? Voor mij was het echt de reden om te stoppen met duur brood te kopen. Omdat dit naar mijn mening fabrieksbrood is. Volgeplempt met toevoegingen die in een gezond brood niet thuishoren.

Dus daarom koop ik nu altijd gewoon eerlijk, eenvoudig brood van de Turkse bakker. En die enkele keer dat een stukje overblijft en beschimmeld raakt, dat doet mij beseffen dat brood een dagvers product is. En zo hoort dat.

Met de broodnodige groeten, M.

Zonder schuren geen glans

Ooit zei iemand tegen mij, toen ik in een lastige situatie op het werk zat, dat een ‘beetje schuren’ nodig is om te groeien.

Hoewel ik het op dat moment lastig vond te accepteren, kan ik nu zeggen dat deze persoon gelijk had. Je leest niet anders dat je voor persoonlijke groei ‘over je eigen schaduw moet springen’ (hoe dan?!) of uit je comfortzone moet komen. Allemaal mooie manieren om te zeggen dat je moet doen of doorstaan waar je je niet direct senang bij voelt.

Maar het is niet alleen uit die comfortzone komen. Die klus, of die taak, die dat onplezierige gevoel bij jou opwekt, doet ook een appèl op je doorzettingsvermogen. Want ben jij in staat om een klus meerdere keren opnieuw te doen, net zolang tot het gewenste resultaat er is? Of leg je al snel het bijltje erbij neer, wanneer iets niets lukt?

Kun jij omgaan met tegenslag, jezelf vervolgens herpakken en weer door te gaan?

Dat jezelf bij de kladden grijpen zegt iets over hoe veerkrachtig je bent.

Dus wat mij betreft is het te simpel om iemand koste wat het kost uit zijn comfortzone te laten stappen voor verdere groei en daarbij niet te kijken naar het totale poppetje: hoe zit het met het doorzettingsvermogen en hoe veerkrachtig is die persoon? En wat doet het schuren met het zelfvertrouwen?

Bij iemand waar deze eigenschappen niet of onvoldoende zijn ontwikkeld, kun je schuren wat je wilt, maar zal het alles behalve goud worden wat er blinkt.

Liefs, Méri.

Een goede reden om zelf te strijken

Strijk jij of strijk ik?

We hebben het allemaal druk, we zijn allemaal druk. Je leven staat bol van verplichtingen en moetjes en dan is er ook nog zoals iets als het schoonhouden van je huis.

Jaloers op buren/vrienden/collega’s die slim dit werk hebben uitbesteed pak je zuchtend de stofzuiger of stofdoek om aan je wekelijkse verplichtingen te voldoen. Vanuit je ooghoek zie je ook nog die overvolle strijkmand en je humeur daalt vervolgens met de minuut.

Ik was niet anders. Er waren jaren dat ik zowel een poetshulp had als iemand die grote balen strijkgoed wegwerkte. Maar wat bleek? Het maakte me niet gelukkig.

De kleine euforie van een strijkbaal wegwerken had ik mezelf ontnomen. Het voldane gevoel om na stoffen en zuigen lekker op de bank met een kop thee te zitten, had ik mezelf ontnomen. En zo ontnam ik mij meer momenten waaraan je simpel geluk kunt ontlenen.

Hoe anders is het nu.

We weten allemaal dat minder online zijn beter is voor hoe een mens zich voelt. Wanneer ik lekker in of rondom huis bezig ben, hoef ik niet naar mijn scherm te staren.

Sterker nog het strijken van een mooi tafelkleed doet me dan weer denken aan het laatste etentje of voor welke gelegenheid het weer uit de kast mag komen. Het is een moment van volledig zen. Alleen met mijzelf en die repeterende strijkbeweging komen en gaan mijn gedachten. Er is geen haast en alles is goed.

En weet je wat nu het mooie is? Ik kan echt genieten van een strak gestreken, fris ruikend laken dat op een schoon bed ligt. Ook dát is fijn. Niet alleen voor mezelf maar ook omdat ik graag samen met mijn lief in een schoon bed in een frisse kamer lig. En zo simpel is het.

Ik strijk met liefde, uit liefde voor de liefde.

Liefs, M.

Do ut des, maar alleen in liefde graag

Do ut des. Vandaag kwam ik deze oude Latijnse uitdrukking tegen en ik was verrast hoe actueel die nog is. Het is de bereidheid om iemand een dienst te verlenen waarvoor je op een later tijdstip een wederdienst mag verwachten. Reprociteit dus.

Je kent ze vast ook: mooie initiatieven zoals buurthulp waar jij je schilderkunsten kunt ruilen tegen bv schoonmaak. Laagdrempelig en sociaal.

Anders wordt het wanneer een bepaald gedrag gewenst is en je dat gaat belonen om het gewenste resultaat te bereiken. Ik zal je vertellen wat ik bedoel.

Ik had net een artikel gelezen waarin je – door plastic (zwerf)flesjes in te leveren – voor vrij reizen kunt sparen bij het openbaar vervoer.

Ik vraag me af hoe het komt dat inzamelen van plastic flesjes een prikkel als dit nodig heeft. Hoe het komt dat we het blijkbaar normaal zijn gaan vinden om alles achter onze kont op straat weg te gooien. Om dan vervolgens het inzamelen te belonen? Snap jij dit? Eerlijk gezegd: ik niet echt. Of beter: echt niet.

Wanneer iets van je wordt verwacht te doen (even los van de reden waarom) en je besluit daar gehoor aan te geven, dan doe je dat toch vanuit je eigen overtuiging? Dan kom je toch in beweging?

Hoe anders is dat bij kinderen. Zij hebben vaak een directe voldoening, lees: beloning nodig om te leren dat bepaald gedrag in de praktijk moet worden gebracht. Maar bij volwassen mensen? Ik denk dan: hou op, schei uit. We zijn toch geen kleuters meer?!

Maar er is een uitzondering.

To love and be loved in return

Er is één vorm van do ut es die universeel is. Het is het belangrijkste dat je ooit zult leren en dat los staat van leeftijd en opvoeding. Dat is just to love and be loved in return.

https://youtu.be/Iq0XJCJ1Srw

Fijne zondag!

50 tinten grijs

Het was eind vorig jaar toen ik bij toeval op Pinterest foto’s zag van zgn. Silversisters; vrouwen die hun haren niet meer kleuren en ‘in transitie’ zijn. Foto’s van half uitgegroeide haardossen, van enkele grijze haren tot volledig grijs. Zelfbewuste, sterke vrouwen die hun leeftijd niet willen ontlopen maar hun elegantie laten zien. Vrouwen dus, die hun grijze haren omarmen als onderdeel van hun persoonlijkheid en vrouwelijkheid.

Iedere zes weken je ‘uitgroei bijwerken’

Vooral vrouwen die op jonge leeftijd grijze haren krijgen, lopen vaak tegen onbegrip aan uit hun omgeving wanneer ze besluiten met kleuren te stoppen. Het beeld bestaat nl. dat je als vrouw toch immers zo lang mogelijk mooi en vooral! jong wilt zijn en daar passen grijze haren niet bij. Dus laten wij trouw iedere zes weken onze ‘uitgroei bijwerken’. Want dat is zoals het gaat, en dat is zoals we het als vrouw doen. Tot op hoge leeftijd. Strak gekleurd met wat highlights om het wat ‘levendiger’ te maken.

Inmiddels had ik besloten niet meer te willen kleuren. Enerzijds vanwege dat vreemde beeld dat je met grijze haren bejaard zou zijn ongeacht je leeftijd, maar ook omdat ik de chemicaliën van de verf niet langer op en in mijn huid wil hebben.

Zo overkwam het mij dus dat mijn kapper er niets van snapte dat ik een stuk van mijn gekleurde haar wilde laten knippen in plaats van de uitgroei, van toen bijna 6 maanden, onderhanden te laten nemen. Met tegenzin kwam ze aan mijn verzoek tegemoet om niet te kleuren.

En toen gebeurde er iets opmerkelijks. Terwijl ze een kortere coupe knipte, veranderde haar stelligheid om te kleuren in het zachtere ‘dat dit wel heel mooi kon gaan worden’.

En zo voelt het ook. Ik ben nog minstens een jaar bezig voordat alle kleur eruit geknipt is (nee, ik wil geen ultra kort koppie).

Het klinkt raar maar ik ben nog steeds verbaasd hoe mooi de kleurschakering in mijn haar wordt. Het zijn mijn eigen tinten grijs. En iedere tint vertelt een deel van het verhaal dat mijn leven is. Hoe gaaf is dat? Met ieder cm eigen kleur wordt meer en meer zichtbaar wie ik nu ben.

En mijn lief? Het vindt het prachtig. Hij is kaal en ik word grijs. En samen worden we prachtig oud. Dát is mijn beeld en dat is wat er toe doet.

Lieve groet, M.

Waarom ik waterflessen vul

Weet jij nog wanneer het precies is begonnen? Wie ons heeft overtuigd dat we aan de flessen water moeten om wat voor reden dan ook? Om eerlijk te zijn, ik kan het me niet herinneren. Het zal een trend geweest zijn die, zoals we allemaal weten, een draconische omvang heeft gekregen. Dat in landen als Italië en Spanje het water drinken uit flessen gemeengoed is vanwege de bedenkelijke kwaliteit van kraanwater in veel gebieden, dat hoeft geen toelichting. Maar hier? In Nederland? Waar het watermanagement is geboren? Laten we alsjeblieft even normaal blijven doen met elkaar.

Nu de gevolgen van het excessieve gebruik van plastic flesjes pijnlijk zichtbaar zijn, kan ik nog maar één ding roepen.

STOP ERMEE!!

Stop omwille van het milieu.

Stop vanwege het gebruik van grondstoffen voor het maken van het plastic, voor het transport.

Stop om het plastic afval te verminderen!

Stop vanwege het zwerfvuil.

Stop vanwege het geld dat je onnodig uitgeeft!

Vandaag kreeg ik de eindafrekening van het Waterschap. Los van het knappe resultaat dat we € 0,50 teveel aan voorschotten hadden betaald zette mij die 95 m2 verbruik aan het denken. Per dag gebruiken we gemiddeld 260 liter water. Schoon en kwalitatief zeer goed drinkwater.

Het landelijk gemiddelde voor een 2-persoons huishouden ligt op 99 m2 en dat is incl. het gebruik van een bad waarvan in dit gemiddelde bijna geen gebruik wordt gemaakt. Mijn lief en ik daarentegen laten het bad zeker 2x in de week vollopen.

Maar dat terzijde.

Ik was benieuwd naar wat een liter kraanwater ons nu gemiddeld kost. Want om eerlijk te zijn, ik had geen idee. Jij wel? Het zijn van die bedragen (net als kosten voor telefonie of elektra) die weinigen zo kunnen ophoesten, maar ik was verbaasd over hoe weinig wij per liter betalen incl. belastingen en vastrecht.

Een liter water kost ons € 0,0014 ofwel € 0,015 voor TIEN liter.

Reken dat eens terug naar al die flesjes water; je vult 20x een halve literfles met kraanwater voor anderhalve cent! *) En over ecologisch gesproken; dit is dus gewoon zero kilometer mensen. Hoe groen en verantwoord wil en kún je bezig zijn.

De laatste maanden werden de Doppers in dit huis al regelmatig gevuld. Maar met dit inzicht komen er in dit huis echt geen plastic flessen water meer. En omdat ik van een sprankeltje in mijn water hou, ga ik op zoek naar een ding waarmee ik dat zelf kan maken. Want met wat toevoeging van koolzuur kun je je eigen Spa Rood maken. Hoe slim is dat?

En dan hebben we het nog niet eens gehad over de voordelen van het niet hoeven sjouwen met flessen, de lege flessen bewaren voor statiegeld en het feit dat je plastic afvalbak minder vol wordt.

Ik zeg: ‘goed bezig’ !! :))

Het zijn maar kleine stappen die we zelf kunnen zetten op weg naar een beter en duurzamer milieu. Maar ik zet hem wel. Jij ook?

Liefs Méri.

*) rekenkundig bijgewerkt na reactie van een oplettende lezer.

Lazy, on a sunday afternoon

  • Het is zo’n luie zondag in oktober waar niets duidt op herfst. Zelfs geen naderende herfst. De temperaturen tikken nog steeds waarden aan van ver boven de twintig graden en het leven lijkt voort te kabbelen in een eeuwig aanhoudende zomer.
  • Een enkele weersdip die werd aangegrepen om de houtkachel te stoken, werd direct afgestraft met tropische temperaturen in huis.

    Gekkie. Kachels stoken doe je in de herfst. Je kunt wel anders wensen, zoals temperaturen die naar beneden vliegen, regen die als stalen hekken naar beneden klettert, maar afdwingen kun je de herfst niet en zeker niet door het aanmaken van de kachel.

    Dus genieten we van een zondag waar niets moet en alles mag. Waar de zon speelt met de wind. Waar de wind achter blad aan blaast als spelen de blaadjes het hard-to-get met een uitbundigheid alsof zij niet hun laatste minuten slijten, voordat zij de grond aantikken.

    Mijmerend volg ik het spel van de wind en laat ik mijn gedachten op de vrije loop. Het is nu dat ik me realiseer dat wanneer je hoofd leeg is, je het moment van mindfulness hebt bereikt.

    Liefs, Méri.

    Beleven of LEVEN?

    We lezen het elke dag. Het vriendelijke maar bijna dwingende duwtje in de rug om ons aan te zetten tot beleving. Een stad moet je beleven, zo ook een etentje, een pretpark, online shoppen, een verzekering afsluiten. Zelfs begraafplaatsen openden recent hun poorten ter beleving ervan. Of wat denk je van het kado doen van een ‘belevenis’. Ik krijg er jeuk van.

    Het is het resultaat zijn de uitwassen van de belevingseconomie.

    Een belevenis is een voor mij vooral een onverwachte ervaring. Want vertel mij, wanneer beleven we nog echt een bijzonder moment? Of spannende, niet geregisseerde avonturen? Ik bedoel de onverwachte ervaringen die zowel prachtig als ruk kunnen zijn? Maar wel waardoor je een onvergetelijke herinnering hebt gemaakt en een mooi verhaal om te delen bovendien? Voor mij is het vooral ook een ervaring die als een vorm van referentie dient. Zoals het yang hoort bij het yin. Als tegenwicht voor alles wat makkelijk of moeilijk was, waardoor je leven geen flatliner is….

    We spelen op zeker en reduceren ongemak

    Ik beken dat het mij ook steeds vaker gebeurt: eerst de reviews lezen voordat ik iets aanschaf of reserveer. Sterren, likes, ervaringen. Ze dragen bij aan mijn besluitvorming. De bril waardoor er naar die zaken wordt gekeken en die niet persé de mijne zijn, vervlecht zich langzaam in mijn wereldbeeld.

    En zo speel ik op zeker. Reduceer ik de ruimte voor slechtere ervaringen, want mijn tijd en geld zijn schaars en ik wil het beste, toch…..?

    En het is hier dat het begint te schuren. Alle adviezen, de aannames van wat ik wil of leuk vind.

    Ik word gepamperd door Spotify omdat als ik A leuk vind, B ook wel leuk zal vinden. En dat mensen die dít kopen dát ook hebben gekocht. En dan blijkt dat als je dit punt hebt bereikt, langzaam het één voor het ander gaat uitsluiten. En dat is geen vrije wil, dat is een algoritmisch gemak. Een valkuil.

    Je loopt achter een kudde aan waar jij misschien (het kán, maar is niet vanzelfsprekend) toch niet thuishoort.

    Het is zoals Anthony Bourdain in een interview ooit aangaf dat je de grote publiekstrekkers in de steden moet mijden. Het lef moet hebben om af te wijken van wat iedereen doet en daardoor beloond te worden met bijzondere ervaringen.

    Je maakt weer ruimte voor serendipiteit. Je hebt iets gevonden waarvan je niet wist dat je het zocht.

    Dus… daarom stap ik af en toe uit de internetbubbel. Luister ik vaker naar nieuwe muziek en haak ik niet na 10 seconden af, wil ik vaker eten bij een tentje zonder TripAdvisor te raadplegen, ben ik wat minder online en spendeer meer tijd met m’n dierbaren of gewoon in m’n uppie met een boek.

    Dat is beLEVEN ☘️