Parkeren 


Heren ga er maar voor zitten, want…. jullie hebben helemaal gelijk. Vrouwen, auto’s en fileparkeren, alles wat daarover is gezegd en geschreven is waar voor wat betreft mijn persoon. 

Los van alle kernkwaliteiten die ik heb, is het parkeren van de auto mijn ultieme manier om de lachers van de straat over mij af te roepen. Ik presteer scheef, halve meter van de stoep of bijna tegen het huis, maar fatsoenlijk de auto wegzetten lukt mij niet.

Ik.kan.het.domweg.niet.

Nog onmogelijker wordt het wanneer de auto voor mij met de wielen óp de stoep staat (normaal bij ons, want redelijk smalle straat) en de buurman achter mij strak lángs de stoep. Dan krijg ik het voor elkaar om de auto bijna diagonaal neer te zetten. Meestal is mijn lief dan wel in de buurt om mij uit deze pijnlijke situatie te helpen.

Zo niet vandaag. Met een plek waar een vrachtauto kan staan parkeerde ik de auto ongeveer overdwars. Ik liep terug, bekeek het resultaat en startte de auto opnieuw, de opmerking van een voorbijganger hartelijk negerend. In een nieuwe poging zette ik de auto naast die van de buurman. Hup, in de achteruit.  De auto voor en achter hield ik uit beeld en zo zocht ik mijn ideale insteek. De weerstand van de stoeprand gebruikte ik voor een kleine correctie. Nonchalant stapte ik weer uit en trok stiekem een lange neus. Wát nou niet kunnen fileparkeren… 

Wens jullie een mooi weekend en durf ook eens over je eigen schaduw  te springen.

Lieve groet, Méri 

Advertenties

Mannenzaken : de heilige koe

Auto’s en hun kuren. In dat opzicht zijn het net vrouwen en is het niet zo vreemd dat dit speelgoed de bijzondere aandacht van een man heeft. Auto’s worden getypeerd in termen van vrouwelijk, sexy, geil, kosten bakken met geld en het begrip de ‘heilige koe’ dekt daarmee behoorlijk de lading. Maar… dankzij de bolide van de pater familias is er een reële kans dat de vrouw op de tweede plaats wordt gezet. Ik zal je vertellen waarom.

De wereld van de wasstraat is masculien 

Vanmiddag bevond ik mij in een fancy autowasstraat (ja fancy, die dingen worden steeds luxer en slimmer) en waar je na een uitgebreid reinigingsprogramma, heerlijk overdekt je karretje kan stofzuigen. Een snelle blik rond leert dat het merendeel van de aanwezige karretjes uit flinke bolides bestaat. Maar het meest in het oog springend is dat het allemaal heren zijn die hun vrije zaterdagmiddag besteden aan het vertroetelen van hun vierwieler. Druk in de weer met stofzuigers en zachte doeken om hun kostbare bezit nog mooier en glanzender te maken en alle ouderdomssporen weg te poetsen. 

M’n mond viel open van verbazing. 

Halloooo mannen. Mag ik even jullie aandacht? Het is een au-to. Niet je liefje. Het is een ding met wielen, een stuur en motor dat met een paar jaar is afgeschreven en wordt ingeruild. 

Ik snap een poetsbeurtje, ook ik was daar met het karretje maar wel samen met m’n lief. Domweg omdat we het gezellig vinden op zaterdag dit klusje gezamenlijk te klaren, na een werkweek en relatief weinig wij-tijd. 

Ik vraag me af of de heren met hun poetsdoeken hun vrouw ook zoveel aandacht geven; zullen zij samen in bad, zal hij haar lekker wassen, afdrogen en insmeren totdat zij ook glanst en lekker ruikt? En dat hij vol trots kan zeggen ‘hoe mooi ze is voor haar leeftijd’? of dat ‘haar motortje nog zo fijn loopt door het goede onderhoud’? 

Van mijn lief kan ik volmondig bevestigen dat hij mij die aandacht en liefdu geeft. Maar hoe zit dat met jullie, lieve mannelijke lezers?  Staat de liefde voor de auto op eenzame hoogte of krijgt je liefje net zoveel zorg en onderhoud?  Laat het me eens weten. Zodat ik hopelijk mijn beeld kan bijstellen. 

Lieve groet, Méri

https://youtu.be/0eZoiYoFxU0

Donor

Mannetjes. Wie kent ze niet? Handige mannen in je netwerk die van alles kunnen. Al dan niet breed inzetbaar of juist gespecialiseerd. De beun. Of de liefhebber die zo goed is, dat hij niet voor een professional onderdoet. Afijn. We begrijpen elkaar wanneer ik over een mannetje praat.

Mijn mannetje heet Harry. En Harry is, of beter gezegd wás de onderhoudsmonteur van mijn ouwe Fordje. Sinds zes jaar heb, of beter gezegd hád, ik een Ford Fiësta. Een afschuwelijke winkeldochter in een gouden mosterdkleur. Met ooit 150.000 km op de klok heb ik haar voor een zacht prijsje op de kop weten te tikken.

Afgelopen week stond het karretje bij Harry voor onderhoud. Zijn verontrustende telefoontje dat begon met: ‘Meer, luister eens….’ bereidde mij voor op de boodschap die ik al verwacht vanaf het moment dat de teller dik over de twee ton was gegaan.

Zijn stem klonk ernstig toen hij mij vertelde welke kosten ik zou moeten maken om het ding nog door de APK te krijgen. Grappig hoe snel je brein dan aan het werk gaat. Ik realiseerde me dat voor mijn werk er altijd een leenauto ter beschikking staat in het geval er een afspraak buiten de deur is (niet zo vaak). Dat ik de 7,5 km woon-/werkverkeer altijd, ja echt altijd, op de fiets afleg. Dat ik in het weekend graag met de trein reis, omdat ik dan ondertussen wat anders kan doen. En dat het gebruik van m’n auto de laatste jaren ernstig was teruggelopen.

Ik heb besloten de auto het onderhoud niet meer te geven en voor een prikkie op Marktplaats te zetten. En zo gebeurde het dus dat ik net op het postkantoor stond om de auto over te schrijven op naam van haar nieuwe eigenaar. Een sjacheraar die de onderdelen uit m’n haast ter ziele gaande Fiësta gaat vissen. Ongevraagd heb ik van m’n karretje een donor gemaakt die in leeftijdsgenoten zal doorleven. Ik glimlach bij de gedachte.

Het zal even wennen zijn, om geen auto voor het grijpen te hebben. Maar het voelt heel goed, zeker gezien mijn #bewustminder filosofie. En wetende dat ik geen wegenbelasting, verzekering en de pech-onderweg-hulpdienst meer hoef te betalen, vind ik eigenlijk heel bevrijdend. Stiekem geef ik het geld al uit aan écht leuke dingen.

En Harry? Ik heb gevraagd hoe goed hij is met fietsen. Want stel je voor, dat ik doordeweeks een lekke band fiets…. dan is het fijn te weten dat Harry om de hoek zit.