50 tinten grijs

Het was eind vorig jaar toen ik bij toeval op Pinterest foto’s zag van zgn. Silversisters; vrouwen die hun haren niet meer kleuren en ‘in transitie’ zijn. Foto’s van half uitgegroeide haardossen, van enkele grijze haren tot volledig grijs. Zelfbewuste, sterke vrouwen die hun leeftijd niet willen ontlopen maar hun elegantie laten zien. Vrouwen dus, die hun grijze haren omarmen als onderdeel van hun persoonlijkheid en vrouwelijkheid.

Iedere zes weken je ‘uitgroei bijwerken’

Vooral vrouwen die op jonge leeftijd grijze haren krijgen, lopen vaak tegen onbegrip aan uit hun omgeving wanneer ze besluiten met kleuren te stoppen. Het beeld bestaat nl. dat je als vrouw toch immers zo lang mogelijk mooi en vooral! jong wilt zijn en daar passen grijze haren niet bij. Dus laten wij trouw iedere zes weken onze ‘uitgroei bijwerken’. Want dat is zoals het gaat, en dat is zoals we het als vrouw doen. Tot op hoge leeftijd. Strak gekleurd met wat highlights om het wat ‘levendiger’ te maken.

Inmiddels had ik besloten niet meer te willen kleuren. Enerzijds vanwege dat vreemde beeld dat je met grijze haren bejaard zou zijn ongeacht je leeftijd, maar ook omdat ik de chemicaliën van de verf niet langer op en in mijn huid wil hebben.

Zo overkwam het mij dus dat mijn kapper er niets van snapte dat ik een stuk van mijn gekleurde haar wilde laten knippen in plaats van de uitgroei, van toen bijna 6 maanden, onderhanden te laten nemen. Met tegenzin kwam ze aan mijn verzoek tegemoet om niet te kleuren.

En toen gebeurde er iets opmerkelijks. Terwijl ze een kortere coupe knipte, veranderde haar stelligheid om te kleuren in het zachtere ‘dat dit wel heel mooi kon gaan worden’.

En zo voelt het ook. Ik ben nog minstens een jaar bezig voordat alle kleur eruit geknipt is (nee, ik wil geen ultra kort koppie).

Het klinkt raar maar ik ben nog steeds verbaasd hoe mooi de kleurschakering in mijn haar wordt. Het zijn mijn eigen tinten grijs. En iedere tint vertelt een deel van het verhaal dat mijn leven is. Hoe gaaf is dat? Met ieder cm eigen kleur wordt meer en meer zichtbaar wie ik nu ben.

En mijn lief? Het vindt het prachtig. Hij is kaal en ik word grijs. En samen worden we prachtig oud. Dát is mijn beeld en dat is wat er toe doet.

Lieve groet, M.

Advertenties

Dag 2, #minderplastic, de lunchbox


Na een nachtje slapen, realiseer ik me pas goed de omvang van mijn uitdaging om een maand minder tot geen producten te kopen die in plastic zijn verpakt. 

Zoals gezegd zal ik stapje voor stapje deze uitdaging aanvliegen en kies ik vandaag voor een eerste snel (en voor de hand liggend) resultaat: de lunchbox! De dagelijkse bammetjes die 9 van de 10 keer in plastic zakjes mee naar kantoor gaan, kan ik eenvoudig in een broodtrommel stoppen. Een snelle rekensom leert dat ik dan samen met mijn lief de pakweg 30 broodzakjes per week niet meer nodig zal hebben ofwel 1,440 plasticzakjes die per jaar niet meer bij het afval komen, dankzij de lunchbox. Heej! Is dat niet een mooi en makkelijk begin? (Vind ik wel!)

Grappig overigens hoe snel je bewust ‘anders’ naar je omgeving kijkt. Het scoren van de lunchbox bij de Hema was zo’n moment. Ik keek om me heen en alles wat ik zag zat IN plastic, was VAN plastic, had onderdelen MET plastic of zat in blisters, hoesjes, doosjes van plastic. Best triest en behoorlijk uitzichtloos als je het mij vraagt. Ik vraag me echt af hoe lang we op deze manier kunnen doorgaan met het produceren en tot afval verheffen van plastic.

Maar goed, na de eerste ‘quick win’ van vandaag was er nog even het ontnuchterende inzicht van dag 2: hoe óf waarmee vervang ik de plastic flessen fris en water in de koelkast, m’n favo dikke Griekse yoghurt in emmer en de vleeswaren in plastic zakjes. Oh mèn, deze uitdaging wordt nog wel een serieus dingetje. 

Liefs, Méri.

#minderplastic challenge dag 1


Vanmorgen stond er weer zo’n zak, klaar voor de oranje container. Een zak vol met plastic, kartonnen sap-/melkpakken en blikjes. Vergaard in ongeveer een week tijd, door een huishouden van twee personen en een kat.

Met de laatste beelden van de plasticsoup op mijn netvlies besloot ik in een opwelling (dat zijn vaak de beste besluiten) dat de hoeveelheid plastic dat ik ter recycling aanbied, minder moet en minder kán.

Het ‘hoe’ weet ik nog niet exact, maar met de instelling ‘wat er niet inkomt hoeft ook niet te worden gerecycled’ wil ik ontdekken in hoeverre plasticarm boodschappen doen mogelijk is. 

Een eerste ervaring bij de buurtsuper spreekt niet in mijn voordeel. Daar waar ik de de nectarines op plastic schaal met plastic hoesje laat voor wat ze zijn (deze kan ik immers makkelijk los op de markt halen) blijkt het voor een aantal andere artikelen toch lastiger. 


Okay, de broccoli had ik op de markt kunnen (moeten!) halen maar dat heb ik niet gedaan. Dat is direct ook het eerste inzicht: voor sommige artikelen zal ik extra moeite moeten doen omdat een goed alternatief ergens anders verkrijgbaar is. 

Voor nu zit de uitdaging in de melk (want plastic aan de binnenkant) het vlees en de mozzarella. Ik heb de producten toch gekocht. Want wetende dat Rome niet in één dag is gebouwd gun ik mezelf de tijd stap voor stap te ontdekken wat mogelijk en haalbaar is om plastic de komende maand te mijden. 

Mijn ervaringen zal ik hier delen, misschien heb jij er ook wat aan. En mocht je ideeën en of tips hebben dan hoor ik die graag.

Liefs, Méri.

More

In mijn blogs schrijf ik regelmatig over #bewustminder. Vandaag moest ik denken aan een korte film van Mark Osborne uit 1999. Het is een prachtige animatie over de werkelijke betekenis van onschuld en onwetendheid zoals we die in onze kinderjaren beleven en hoe we die verliezen in onze zucht naar meer.

Het filmpje gaat over een oude, eenzame uitvinder met een kleurloos bestaan. Zijn houvast zijn herinneringen aan zijn zorgloze jeugd. Overdag is hij een loonslaaf in een vreugdeloze baan terwijl in hem het vuur brandt van inspiratie en passie.  In de nachtelijke uren probeert hij zijn inspiratie te vertalen in iets dat er toe doet.

Door zijn uitvinding zullen de mensen met andere ogen naar de wereld kijken. Hij ontdekt echter, dat hij er zelf ook door is veranderd. En dat hij voor het succes een hoge prijs heeft betaald.

De muzikale omlijsting van ‘Elegia’ van New Order maken maken deze korte film de zes minuten kijken dubbel en dwars waard.

 

Gezond of niet dan?

Graag wil ik alle verantwoordelijkheid voor een gezond leven zelf nemen; ondanks dat ik af en toe een sigaretje rook, een zeer gematigd drinker en een beperkt vleeseter ben. Groenten en fruit staan volop op het menu, ik heb de nodige lichaamsbeweging en beoefen geen levensgevaarlijke sporten. Klinkt bijna als een übersaai bestaan hè? Door een bewust leven te leiden, hoop ik dat ik mijn lijf gezond houd zodat het kan doen wat het moet doen. Namelijk: leven. Láng leven.

Maar dan komt het. Ondertussen krijg ik bijna bij alles wat ik eet, twijfels of dat nog wel zo gezond is. Zijn het niet de E-nummers die, naast een paar onschuldige, als sluipmoordenaars in je voeding worden verwerkt, dan zijn het wel de genetisch gemanipuleerde groenten die jou als mens als een wandelende pesticide door het leven laten gaan. Dan heb ik het nog niet over de gevolgen van de de hormonen en antibiotica in plofkippen en overig plofvlees. Blijkbaar kan ik nu dus ook beter het wekelijkse visje laten staan vanwege vermeende multiresistente bacteriën bij kweekvis die vooral uit Azië komt (zie voor de aardigheid deze bijdrage van de NOS). Nu zijn de omstandigheden waarin kweekvis in de bassins worden gehouden ongeveer net zo erg als die van de plofkip en wellicht nog smeriger omdat zij hun eigen uitwerpselen weer opeten. Het is te ranzig voor woorden.

Wat ik niet kan begrijpen is dat er bij de invoer naar Nederland niet (beter) op dit soort aspecten wordt gecontroleerd. Als je denkt in termen van veiligheid voor het volk zou je daar iets van kunnen vinden. Moet ik nog beter dan ik al doe de etiketten ontcijferen? Mijn conclusies trekken of ik iets in het schap moet laten liggen of dat ik het naar mijn idee veilig kan eten? Je zou er toch vanuit mogen gaan, dat wat er in de winkel ligt, jouw gezondheid niet mag schaden. Nu niet en niet op de lange termijn.

Ik wil mijn eigen keuzes kunnen maken. Het wordt tijd voor een stulpje met een lapje grond, waarop ik mijn eigen groenten kan verbouwen, met een paar scharrelende kippen, konijnen en een gezellig hangbuikzwijntje. Nu hoop ik alleen dat mijn lief als een echte kerel de nek van die kip wil omdraaien en het beest kan villen. Je snapt dat de rolverdeling in dit idealistische concept nog verdere uitwerking behoeft.

Gratis meuk

Hoezo... gratis

 

Grote sporttoernooien, daarmee begint het meestal: acties die de grootgrutters uitschrijven om gratis meuk te verzamelen. Meuk, ja. Rommel. Overbodige giveaways. Rotzooi. En meestal gekoppeld áán of áls een spaarsysteem.

Eens even kijken, wat hebben we zoal gehad de afgelopen jaren? Naast voetbalplaatjes, beesies, wuppies, free samples, bierglazen, -viltjes, oranje jurkjes, koektrommeltjes? Vast veel meer. En al die giveaways hebben één ding gemeen. Ze zijn overbodig. ‘Ja… jij hebt makkelijk praten’ zeggen mijn vrienden dan ‘jij hebt nog geen kinderen’.  Ja und? ‘Sinds wanneer maakt jouw kroost de wet uit bij jou thuis?’ schiet er dan door mijn hoofd.  Of geef je maar gewoon toe om te verzamelen, omdat je geen zin hebt in eindeloze discussies erover. Voor de lieve vrede.

Ik wil dit erover kwijt. Het is niet gratis. Het is verspilling van energie om te produceren, het is verspilling van je geld omdat je aangezet wordt ‘meer’ aan te schaffen. Het is domweg manipulatie. Van jou. Via jouw kind. Door de dames en heren reclamemakers. Chapeau!

En zolang wij, als consumenten, die meuk blijven aannemen bij de winkels, zolang zullen deze acties blijven bestaan. En het gaat niet alleen om de wuppies en de voetbalplaatjes. Denk ook aan de gratis samples bij de parfumerie in die geur die je niet lekker vindt, het proefje met doucheschuim in een geur waarmee je je lief de deur uit jaagt, de meuk die je op beurzen krijgt. Van sleutelhangers, keycords tot flessenopeners en draagtassen. Vraag jezelf nu eens af, voordat je een giveaway rücksichtslos accepteert, of je het artikel écht wilt hebben, of je het nodig hebt. En.. als je het zou moeten betalen, je het aangeschaft zou hebben. Ook leuk: bedenk wat je er vervolgens mee wilt doen. Hoe groot is de kans dat het verdwijnt?  In dat rommellaatje, -trommeltje, op de ene plank of in die bureaulade. Ik ken het. We hebben allemaal van dat soort plaatsen in huis. Om te bewaren. Spullen waar we geen afstand van doen en die we niet gebruiken.

De laatste keer dat ik parfum kocht wilde de verkoopster mij het gratis tasje met tijdschrift en een sample overhandigen. Met een gedecideerd ‘nee, dankjewel’ gaf ik aan geen behoefte te hebben aan het tasje.  Met een: ‘Ja, maar…. het is gratis hoor…’ probeerde ze nog met gestrekte arm de tas over de toonbank heen, aan mij te overhandigen.

Ik wilde geen tijdschrift dat eerst twee weken op de stapel ligt, vervolgens ongelezen bij het oud papier verdwijnt om dan weer naar beneden te brengen om in de papiercontainer te dumpen. Trots op mijzelf liep ik de winkel uit. De verkoopster met haar gratis item verbouwereerd achterlatend.