Gezond of niet dan?

Graag wil ik alle verantwoordelijkheid voor een gezond leven zelf nemen; ondanks dat ik af en toe een sigaretje rook, een zeer gematigd drinker en een beperkt vleeseter ben. Groenten en fruit staan volop op het menu, ik heb de nodige lichaamsbeweging en beoefen geen levensgevaarlijke sporten. Klinkt bijna als een übersaai bestaan hè? Door een bewust leven te leiden, hoop ik dat ik mijn lijf gezond houd zodat het kan doen wat het moet doen. Namelijk: leven. Láng leven.

Maar dan komt het. Ondertussen krijg ik bijna bij alles wat ik eet, twijfels of dat nog wel zo gezond is. Zijn het niet de E-nummers die, naast een paar onschuldige, als sluipmoordenaars in je voeding worden verwerkt, dan zijn het wel de genetisch gemanipuleerde groenten die jou als mens als een wandelende pesticide door het leven laten gaan. Dan heb ik het nog niet over de gevolgen van de de hormonen en antibiotica in plofkippen en overig plofvlees. Blijkbaar kan ik nu dus ook beter het wekelijkse visje laten staan vanwege vermeende multiresistente bacteriën bij kweekvis die vooral uit Azië komt (zie voor de aardigheid deze bijdrage van de NOS). Nu zijn de omstandigheden waarin kweekvis in de bassins worden gehouden ongeveer net zo erg als die van de plofkip en wellicht nog smeriger omdat zij hun eigen uitwerpselen weer opeten. Het is te ranzig voor woorden.

Wat ik niet kan begrijpen is dat er bij de invoer naar Nederland niet (beter) op dit soort aspecten wordt gecontroleerd. Als je denkt in termen van veiligheid voor het volk zou je daar iets van kunnen vinden. Moet ik nog beter dan ik al doe de etiketten ontcijferen? Mijn conclusies trekken of ik iets in het schap moet laten liggen of dat ik het naar mijn idee veilig kan eten? Je zou er toch vanuit mogen gaan, dat wat er in de winkel ligt, jouw gezondheid niet mag schaden. Nu niet en niet op de lange termijn.

Ik wil mijn eigen keuzes kunnen maken. Het wordt tijd voor een stulpje met een lapje grond, waarop ik mijn eigen groenten kan verbouwen, met een paar scharrelende kippen, konijnen en een gezellig hangbuikzwijntje. Nu hoop ik alleen dat mijn lief als een echte kerel de nek van die kip wil omdraaien en het beest kan villen. Je snapt dat de rolverdeling in dit idealistische concept nog verdere uitwerking behoeft.

Advertenties